Gewoontes
Opstaan in een cel van 2 op 4 meter. 130 kilometer ver van thuis. Helemaal alleen. Het moment dat je wakker wordt en even niet weet waar je bent — en dan realiseert je het weer. Je bent hier. Opnieuw.
Ik ga niet in detail treden over wat me daar gebracht heeft. Maar wat ik wel wil delen, is wat die ochtenden mij geleerd hebben.
In die cel had ik niets te doen. Geen scherm, geen muziek, geen afleiding. Alleen mijn gedachten en de muren om me heen. In het begin was dat ondraaglijk. Na een tijdje werd het iets anders — het werd duidelijk.
Ik zag mezelf zoals ik echt was. Zonder masker, zonder prestaties, zonder de versie die ik aan de buitenwereld laat zien. En ik moest eerlijk zijn: ik had mezelf jarenlang weggelopen van dingen die ik nooit had willen voelen.
Elke ochtend maakte ik dezelfde keuze: ik ging niet liggen piekeren. Ik stond op, deed wat ik kon in die ruimte en stelde mezelf één vraag: wat ga ik vandaag anders doen dan gisteren?
Die ochtenden leerden mij dat groei niet wacht op betere omstandigheden. Groei begint precies waar je nu bent.
Ik ben thuis. Ik heb mijn vrijheid terug. En ik besef nu meer dan ooit hoeveel ik vroeger voor lief nam. Elke ochtend dat ik wakker word in mijn eigen bed is een ochtend die telt.